Lady

Zonnig herfstritje

Deze vroege zondagmorgen was nog best wel fris. Hier en daar mist in de weilanden wat mooie tafereeltjes gaf. Koeien en paarden die in de laaghangende wolken stonden, als een mysterieus schilderij. Op de snelweg naar Tilburg werd de mist zo dicht dat mijn vizier helemaal besloeg. We waren vroeg, maar niet de eersten. Yvonne was er ook bij. Haar 2de rit sinds 2 jaar, toch knap van haar. Harry’s motor staat nu in de huiskamer. Zeker een mooi plekje. Rond 10 zijn we met 9 motoren en 12 mensen, een gezellig clubje bij elkaar. Vman en Mar besluiten om toch maar uit te slapen en zelf een ritje te doen naar Kinderdijk. Ze weten niet wat ze gaan missen…..
Mike roept ons tot de orde en vertelt dat hij een mooie rit heeft uitgezet naar de Waalkade in Nijmegen waar we gaan lunchen. Ong 140 km en dan moeten we nog terug.

Leuke en mooie binnendoorweggetjes. Ik heb regelmatig in deze contreien rondgetoerd, maar ook nu kom ik weer op onbekende wegen. Mike rijdt vol trots op zijn Roadking, die hij nu heeft alleen maar vanwege het stuur begreep ik. Goirle, Esbeek, Diessen, Middelbeers, Boxel passeren de revue en in Oirschot op een onverwachte leuke lokatie tijd voor koffie. Cafe Vingerhoeds aan de Oude Grintweg voor de liefhebbers.
Spontaan gaan alle vrouwen bij elkaar zitten. De mannen er tegenover en ze zijn in de minderheid!

We mogen even genieten van de zon en de cappuccino, daarna gaan we weer verder. Voorbij Schijndel, Veghel (dealer is toch dicht), Mariaheide (kende ik niet), Uden Wychen, Alverna (nooit van gehoord!) en bij Nijmegen is van alles afgesloten en mogen we helemaal omrijden naar de Waalkade. Daar blijkt waarom we moesten omrijden: het is kermis. Na overleg rijden we maar door. Het is inmiddels al 1 uur en ik val bijna om. Nog even volhouden maar. Bij tankstop sommeert moeder Kitty dat ik mijn motorjas maar bij hen in de koffer moet doen. Ik had al genoeg lagen aan vond ze. Ik gehoorzaam braaf. Het was inderdaad wel erg warm zo. Nog 20 km naar Oosterbeek, via Lenst en Elst.
Een groot cafe/restaurant met bovenuitzicht op de Waal nodigt ons uit voor een lekkere lunch. Daar waren we wel aan toe. Zitten we eenmaal op het terras, blijken ze alleen maar appeltaart te serveren. Nou ja, dan doen we dat maar. Vreemd hoor!
 
Rond 3 gaan we voor het laatste stuk. Naar Renkum, Wageningen, langs de dierentuin in Rhenen, Kesteren en bij Zaltbommel gaan we de snelweg op naar Goirle voor een afzakkertje bij Syl en Mike thuis. Rob en ik hebben wat stoplichten tegen en raken de rest kwijt. Maar gelukkig hebben we een Garmin en Jos & Anneke die ons bij de afrit opwachten. Nog even sightsee-en op de snelweg en dan vinden we de achtertuin waar de rest ons vrolijk op wacht. Ik heb de afgelopen tijd nogal wat huizen van binnen gezien, maar dit huis was wel echt mooi en speels verbouwd.
Natuurlijk overal rondgekeken en met de kooikarpers gepoedeld. Totdat Syl zegt dat er ook een haai in de vijver rond zwemt. Verschrikt haal ik mijn hand uit het water en jawel op de bodem drijft een witte haai. Een kleintje dan. Die ruimt de uitwerpselen  van de karpers op.

Mike houdt blijkbaar van bbq-en en toont zijn nieuwe aanwinst vol trots. En vervolgens wordt de diepvries geplunderd en gaan we gezellig met zn 6-en bbq-en.
Het smaakt weer goed en het onverwachte maakt het ook gezellig.
Rond half 8 gaan we huiswaarts. Maar eerst even naar mijn rammetje bij mijn uitlaten luisteren. Rob zegt dat er een bout lost zit. Mike staat al kalar met gereedschap. Maar opeens zie ik wat er loos is. De klem tussen mijn uitlaten is weer doormidden. Dat is nu al de 3de keer dit jaar! Afijn, rustig rijden dus. Nog even dwars door een file manovreren en een half uur later zet ik Snake weer op stal.
Dit was een mooi ritje van zo’n 315 km met een gezellige groep motorvrienden.

Ladies kastelenrit

Belofte maakt schuld, dus ik ging vandaag meerijden met de ladiesrit van Hanneke. Na de vele sombere dagen van de afgelopen is zo’n zonnige zondag een welkome afleiding.
Op tijd eruit. Het was nog wat fris, maar de zon begon al door te breken.
Spullen in de Mini waar na een paar meter het waarschuwingslampje van de bandenspanning gaat branden. Nee he, die bout in mijn voorwiel is nu door. Even opgezocht in het Mini-boekje. Gelukkig ik mag er nog 250 km mee rijden, maar niet harder dan 80 km/h. Snake is er klaar voor en heeft er zin in, mooi ik ook.

Tegen 10 arriveer ik bij de Kogelvanger waar ik  zo te zien zeker niet de eerste lady ben. Slechts 2 nieuwe gezichten. En er is een hond, Kyra, een Berner-Senner, 2 jaar en hartsikke lief. Ik was meteen verkocht. Ze gaat meerijden in de de auto met Simone en Jack. Eerst koffie/thee met appelgebak. Op de valreep komt Ramona met in haar kielzog Simone en Sigrid. Simone was weer toe aan een ritje met de ladies na weken van alleen maar hard werken in haar zaak in Amsterdam en heeft haar medewerkster meegenomen.

Een half uur later dan gepland vertrekken we met 28 motoren. Natuurlijk langs ons eigen kasteel “Bouvigne”. Vervolgens binnendoor naar “Kasteeltje Huize Limburg” in Oosterhout. Met z’n allen op het pontje naar Dussen, wat met een beetje wringen net paste. Iedere keer als ik bij dit pontje sta te wachten krijg ik een de-ja-vu van de “naakte dekzwabberaar” die ik helaas niet meer gezien heb hier.
Bij het kasteeltje van Dussen wachten Simone en Jack ons op met koffie/thee en gevulde koeken. Natuurlijk even knuffelen met Kyra die dat helemaal niet erg vindt.

Via Heusden rijden we naar Elshout en Haarsteeg waar we verbaasd nagestaard worden Zoveel vrouwen bij elkaar hebben ze wel eens gezien, maar niet allemaal op een Harley!
Deze contreien zijn bekend terrein voor mij. Toch weer leuk om even terug te zijn en ik vergaap me aan de luxe huizen en boerderijen die er verrezen zijn.  De poort van “kasteel Onzenoort” bij Nieuwkuijk is dicht dus rijden we door. Via Cromvoirt naar Vught waar we bij “kasteel Maurick” een foto zouden maken. Maar Hanneke moet na het spoor een andere weg nemen vanwege een aflsuiting en haar Garmin slaat het  kasteel over. Dus wij ook. Door Den Bosch langs het kanaal naar Dinther. Onderweg merkte ik al dat de groep gehalveerd was en hoopte dat alle weggezette mensen zouden blijven staan.
Rond 1 arriveren we met slecht 12 ladies bij de lunchstop “Dinthers Eethuis”.
Na een hoop heen en weer gebel blijken 17 ladies bij het kasteel Maurick te staan? Waarschijnlijk is er een wegzetster niet blijven wachten. Gaat Simone Sigrid oppikken in Den Bosch en Esther vangen we in Dinther op. Inmiddels staat er ook nog een file door net gebeurd ongeluk. Een voetganger die geschept is en bovenop een auto kwam horen we later.
Na zo’n kleine 2 uur zijn we compleet en kunnen we eindelijk aan tafel schuiven.
In die 2 uur heeft een journalist/fotograaf genaamd Peter ons bezig gehouden met allerlei vragen, interviews en fotoshoots voor het blad Pro-Motor. Hij blijkt ook een Faak-ganger te zijn en rijdt testmotoren om daar artikelen over te schrijven. We hebben het nog even over de ladies. Ik vertel over een vriendin van mij die rijdt als een vent. Vertelt die Peter dat zijn examinator destijds zei dat hij reed als een “oud wijf”. Die kende ik nog niet…

Na de goedeverzorgde lunch vertrekken we om half 4 voor het 2de gedeelte. Door de oponthoud  vertrekken een aantal ladies rechtstreeks naar huis. Met ongeveer de helft rijden we door naar Moergestel, Biezen-Mortel, en even een rondje langs het kasteel “Stepelen” in Boxtel. Voor mij 1 van de mooiste tot nu toe. Onderweg steken voorbijgangers regelmatig hun duim naar ons omhoog. Of blijven verbaasd staan kijken. Girl-power!
Net na 5 komen we mer 12 ladies aan bij “Huize Rustoord” in Esbeek op landgoed Utrecht. Een charmante eetgelegenheid wat vol staat met allerlei kunstvoorwerpen en je kunt er niet al te duur, maar lekker eten. Wij houden het bij een drankje.
Kyra is er ook weer bij en komt lekker naast me liggen. Ze doet me aan Sam denken.
Voor mij een dierbare herinnering.

Tegen 6 rijden we huiswaarts over de snelweg.
Een uurtje later zet ik Snake weer op stal met zo’n 214 km op de teller.
Het was onverwachts een enerverend, maar gezellig dagje geworden.
En daar werkte de zon ook goed aan mee!

The chicks are back (9/9)

Zaterdag 25 juni, Canterbury – Terheijden (294 km)

Bij gratie Gods mogen we na het ontbijt onze motor spullen zo lang in de kelder leggen, zodat we nog een uur de stad in kunnen. Vannacht heeft het nog flink doorgeregend, maar de druppels blijven nu daarboven hangen. De binnenstad en winkelstraat is inderdaad indrukwekkend. Evenals de kathedraal die zo waanzinnig polupair is dat er een flinke rij staat. 2 bobbies lopen tot mijn verbazing een winkel met woon-accessoires in en gaan daar gewoon winkelen. Onder werktijd!
Om half 12 rijden we onze motoren richting Dover. Maar de route blijkt binnendoor te gaan. Op zich wel leuk natuurlijk, maar als de weg dan onder water staat….Marian kiest wijselijk voor de snelweg. Vlak bij Dover is ze even de weg kwijt en neem ik het over. Slechts 5 minuten want dan word ik van mijn motor afgereden door een auto. Damn it, lig ik alweer op de grond! En Snake ook! Wij gingen rechtdoor die engelse muts ging met haar auto links afzonder richting aan te geven. Schade: flinke deuk in mijn ego, en alles wat rechts zit op Sanke is beschadigd, stuur scheef. De auto heeft 2 kapotte ramen, kras over achterkant en een oversture muts, want ik had bijna met mijn stuur in haar oma gezeten. Die oma leek net een perkamanente pop. Ze bewoog al die tijd niet. Ondertussen wordt mijn vinger helemaal dik. Niet mijn middelvinger helaas. Afijn, na half uurtje alle gegevens uigewisseld, stuur recht getrokken en als de wiedeweerga naar de boot. Om precies half 2 zijn we aan boord. Martina regelt een flinke zak ijs voor mijn vinger. Marian zit bij te komen vande schrik. Natuurlijk moet ik dit even wereldkundig maken aan de thuis blijvers per sms. Een leuke reactie:

“Als je het asfalt echt zo graag van dichtbij wil bekijken dan lijst ik wel een stukje in voor je. Kan je het aan de muur hangen en naar kijken en vervolgens gewoon op je brommer blijven zitten”.

4 uur later zijn we weer aan land. Eerst even wat sleutelen aan Snake zodat ik de snelweg op kan. Het zonnetje is ons goedgezind en we houden het verder ook droog. Vanaf Antwerpen rijden we achter de regen aan. Rond 9 uur arriveren we bij onze stamkroeg in Breda voor wat eten en een laatste borrel. Peter, de eigenaar, is helemaal blij om ons weer te zien. Een uur later vinden we het welletjes en gaan op huis aan en zijn toe aan een warme douche!
Met zo’n 2000 km was het weer een enerverende, maar leuke vakantie.

Doen we volgend jaar weer, maar dan met iets meer zon hopelijk!

The chicks are back (8/9)

Vrijdag 24 juni, Stockbridge – Canterbury (256 km)

Het ontbijt wordt verzorgd door een keurig dametje. Ik moet er constant aan denken om mijn hoofd niet te stoten. De mensen waren vroeger echt klein! Daarna halen we de motoren op en bepakken die aan de straat. Dit keer weinig bekijks. Om half10 rijden we richting Winchester over de A272. Jawel, de weg die we zondag ook gereden hebben maar dan de andere kant op. Onderweg leuke borden met teksten zoals: “hidden dips”. Dit blijkt dan gewoon een dal in de weg te zijn. En “Unmarked police patrols”. Laser? Radar?Natuurlijk nog even langs de Motorstop Loomis bij de kruising met de A32. Er staan slechts 4 motoren en een Fatbob. Maar de zon schijnt, dus mooi voor een creatieve fotoshoot ter plekke. Aan de kassa staat ook een createif bord met de tekst: “We have no change, please dig deep!”.

In Cowfold ontmoeten we Paul weer in een pub voor een lekkere lunch. Paul weet zeker dat er nog een dealer in de buurt zit en gaat op onderzoek uit. Hij belt ze , spreekt ene Lester en zegt dat er 3 dutch ladies onderweg zijn en ze goed ontvangen moesten worden. Via een leuke weg langs de rand van de Beacons rijdt Paul ons een stuk voor. We nemen afscheid en vinden al snel de dealer in Shaw. Mooi gebouw, groot, met flinke loods en werkplaats er achter.

Niet Lester, maar een enthousiaste Steve geeft ons een kijkje in de Harleykeuken. Hun specialiteit is het customisen van motoren. Ze hebben inderdaad een aantal mooie exemplaren staan. Pas weer een prijs gewonnen in de States. Ze krijgen veel opdrachten zowel vanuit binnen Europa en daarbuiten. Daarna vergapen we ons weer aan de t-shirts en tassen. In het pand is ook nog een lounchroom met TV, koffiebar en een muur vol met ingelijste Harley modellen. Net je woonkomer thuis.
Maar helaas, we moeten weer verder. Ik vvroeg me al af waarom de plaatselijke Harleyclub zo’n aparte naam heeft “1066 country”, maar even later weet ik het door een bord langs de weg met dezelfde naam. In de herfst van 1066 zette Willem de Veroveraar hier voet aan wal en wist de engelsen op eigen bodem te verslaan. Een zwarte bladzijde in de engelse geschiedenis.

De weg wordt steeds meer recht toe recht aan. Om half 7 arriveren we bij een authentieke guesthouse midden in de stad. De kamer is een soort van appartement. Buiten een mooi terras met bomen waarin veel duiven nestelen gezien de borden met de tekst: “Beaware Pigeon Poo”. Even settelen en dan diner. Ajakkes om het nog even af te leren, regent het weer voor de verandering. In de pub worden we aangesproken door 2 Nederlanders die met een cabrio rondtoeren. Veel wijzer worden we er niet van. Ze weten wel te vertellen dat de winkelstraat een paar meter hier vandaan is en veel te bieden heeft. Nou ja, mannen en winkelen……………

 

The chicks are back (7/9)

Donderdag  23 juni 2011, Shirwell – Stockbridge (261 km)

Het ontbijt is hier uitstekend. Martina en Marian gaan aan de full English breakfast. op mijn bordje komt scrammbled eggs met zalm. Ook errug lekker!
Ondertussen daalt er weer een regenbuitje neer op onze motoren.
De moed zakt me in de schoenen vanal dat water. Maar, alsof hij daarboven het gehoord heeft (of zijn gieter waar hij de wolken mee begiet is leeg) stopt het weer net zo plotseling. Nog even poseren voor de B&B als reclame-foto en dan zoeken we de smalle weggetjes weer op. In Combe Martin na de zoveelste stijle afdaling met geglibber stopt Marian bij de Hunter’s Inn. Midden in de bush-bush. Toch maar weer de A39 opzoeken naar Lynton. Vervolgens binnendoor naar Lynmouth met 25% stijging. En dan zijn we in Exmoor. Het lijkt wel of we op het dak vanhet park rijden. Zo ver rijkt het uitzicht.
De ponies laten zich overal zien. Zelfs met veulens en al rollend door het gras. Mooi gezicht is dat. Dan door naar Porlock, ook weer met 25%.
Om half 2 gaan we lunchen in een pub langs de weg in Bilbrook.
De zon komt er al lekker door, er is een gezellig terras en we gaan weer aan de tapas.
Het dorp ontleent haar naam aan het Romeinse woord voor waterkers : bil, that in het The village gets its name from the Roman word for watercress, bil, dat tot voor kort groeide in de lokale beek: Brook.

Helaas moeten/willen we verder, want we zijn nog niet eens op de helft. De route gaat echter steeds meer over vlotte doorgaande, met hier en daar een uitstapje nog in Exmoor Park. Af en toe zijn de wegen nat, maar wij gelukkig niet.
Midden in de stad Salisbury parkeren we onze motoren op het terras bij een stadse pub. Het publiek kijkt verbaasd op. Ff bijkomen van de warmte en bepalen tot hoever we nog doorrijden. Een wat verlopen man, ruikend naar bier, vol getatoe-eerd informeert ons dat in Matlock dit weekend een motor-meeting is. Hij zelf kan niet meer. Heeft een gebroken rug overgehouden aan zijn laatste motor-rit.
De A30 leidt ons langs Fovant, een middelgroot dorp in de Nadder Valley. 
Het ontleent zijn naam van het oud-engelse Fobbefunta, wat “lente van een man genaamd Fobbe” betekent. Het is vooral bekend vanwege de badges van verschillende regimenten die in het krijt gesneden zijn van een nabijgelegen heuvel. De badges zijn gemaakt door soldaten die gelegerd waren in de buurt van Fovant tijdens de Eerste Wereldoorlog en zijn duidelijk zichtbaar vanaf de A30. Marian mist ze, wij echter niet.
Ik kende het bestaan er niet eens van. Wel indrukwekkend!

Om 7 uur arriveren we in het mooie plaatsje Stockbridge. Met een authentieke Inn uit de 15de eeuw. Gelukkig ze hebben plaats voor ons!
Als wij achter op het grind de motoren parkeren worden we gadegeslagen door het mannelijk personeel. Overal hangt een bordje met de tekst “Mind your head”, maar dat is niet aan mij besteed. Tegen het einde van de avond heb ik al paar builen op mijn hoofd staan. Onze kamer is in originele oude stijl en smaakvol ingericht. Een tuin met een beekje en terras. De gastheer stamt uit Frankrijk en is volgens mij homo. Hij is al 3 jaar in Engeland. De keuken heeft dan ook een frans tintje en is erg goed. De oranje huiskat slaapt gewoon op een stoel in het cafe en heet Tommy.
Nog een paar afzakkertjes en dan kruipen we onze bedden.
Niet nadat ik nog eens zeer onzacht met de deurkozijn in aanraking ben geweest…….

Belsenland, vibraties en als een lady

Het blijft me toch iedere keer weer verwonderen als ik de grens met onze Zuiderburen oversteek: Belsenland. Zoals je hier de Friesen hebt, heb je daar de Vlamingen en misschien nog wel meer soorten Belsen. Het is en blijft een apart volk op enkele uitzonderingen na. Rijden we in Leopoldsburg zie ik eerst een blonde stoot (zoals de mannen dat zeggen) op stiletto’s (ze loopt er overigens goed op) maar haar haar is echt nepblond. Vervolgens op een terras, zit er een groep motormannen. En om de een of andere reden zie ik meteen dat het Belsen zijn. Aan hun houding, kleding? Ik weet het niet, maar zie het wel. Dan komt er een stel aanrijden op een Yamaha 1100. Gekleed in Indianenstijl. Hij met ielig staartje, lichaam bedekt met Indianentatoos. Zij, grof en beslist niet moedersmooiste. Wel dik zwart lang haar. Ook Indianentatoos en verder slecht gekleed. Hij heeft dan nog iets, maar haar gezicht doet echt afbreuk aan het geheel. Ze zal beslist heel erg lief zijn. Maar ze blijft een vrouw. Afijn, na enig hernsegekraak, weet ik waarvan ik ze herken. Ze zijn het Indianenstel dat in 2009 trouwde bij De Schipper toen we daar aanlegden tijdens mijn Ride Out. Ik weet nog  dat Johan helemaal verontwaardigd was over het ondermaatse vrouwelijk schoon wat aanwezig was. Totdat hij die travestiet zag. Boom van een vent, op stilettos, big boopies. Toen was Johan ff stil. Goed, ik dwaal weer helemaal af. We gingen nog even bij De Schipper kijken die tegenwoordig een soort van saloon heeft. En ja, weer vol met Belsen en dan die aparte soort. Ligt het aan mij?

Terwijl ik een beetje om me heen zit te dromen in het wonderlijke Belsenland gaan mijn gedachten terug naar een gesprek over de trillingen van een Sportster en een Dyna. De enige 2 modellen van Harley waarvan het blok neit in de rubbers hangt.. Dus als je fiets stationair loopt, dan trilt die helemaal en dat werkt op je lichaam door. Voor sommige vrouwen een bijkomend voordeel vooral bij een bepaald toerental tijdens het rijden. Op mijn Sportster wist ik dat precies. Maar zodra er injectie op zit, zoals bij mijn Dyna, is het uit met de pret. Het toerental is dan weer net te hoog helaas. Alhoewel, soms………..

En ik zit bedenken hoe geweldig het zou zijn als je als vrouw stoer op je motor aan komt rijden. Parkeert, je pakt uit doet, en daaronder een leuke jurk of iets dergelijks aan hebt, hakken eronder, je haren los gooit en die meteen goed zitten, zodat je als een echte lady op het terras gaat zitten. Zeker weten dat je dan aandacht hebt. Ik ben er nog niet aan uit hoe je dat voor mekaar moet krijgen. Je zou dan met overals of zo moeten gaan rijden, maar dat lijkt me ook niks. In mijn prille motorjaren heb ik het een paar keer gepresteerd om op naaldhakken, in dunne legging en minirok op de motor te stappen. Gelukkig niks gebeurd. Maar niet echt wijs.  Als iemand een goed idee heeft, dan houd ik me aanbevolen.
Ach ja, misschien spoor ik wel niet helemaal en draaf ik helemaal door. Aan de andere kant een mens zonder dromen of fantasie is ook niks………….. 

Natuurlijk zijn er ook vernederlandste Belsen. Het taaltje blijft leuk. “water laten” ipv “plassen”, “okkazie” ipv “occassion”. Het zijn overigens nette rijders die Belsen, totdat ze met Nederlanders op pad gaan. Dan zijn ze heel anders. Net Nederlanders. En dan moet je gezellig met ze op pad gaan, maak je nog eens wat mee. Leuke route rijden. Deze kan zelfs heel goed met zijn Garmin overweg. Mist soms een bochtje, maar dat is een kleinigheidje. Rijden we een tentje achter een Renault Megane cabrio, waarvan de vrouw achter het stuur zit en de man om kijkt, iets in de auto frommelt en weer moeilijk doet. Komt ie opeens met een analoge camera toevoorschijn. Of we naast elkaar gaan rijden gebaart ie. Natuurlijk. De man neemt er alle tijd voor om foto’s te maken. Natuurlijk is dat even kicken.  Jammer dat we de foto’s nooit zullen zien. Even later op het terras is het goed toeven in de zon, maar donkere wolken naderen in de verte. 
Dus ik reken binnen af en loop even door naar het toilet. Kom ik terug ligt ie helemaal in een deuk. Hij had om de rekening gevraagd. En toen hadden ze gezegd dat zijn vrouw al betaald had. Hij was helemaal overdonderd. Nee, nee zij is een vriendin, verduidelijkte hij. Nou kan het dus 2 dingen betekenen. Of hij ziet er oud uit, of ik zie er jong uit. Ik ga voor het laatste…..

Winterslaap

Het is herfst en dat is te merken ook. Om mij heen mensen die snotteren, niezen, lodderige ogen hebben en moe zijn. Komt door de overgang zeggen ze. Nee, niet die! Maar de overgang van de zomer naar de herfst. De zomer was kort. De herfst al vrij nat en wisselvallig van temperatuur. Zouden ze daar vroeger ook al last gehad van hebben? En die moeheid, misschien hielden ze wel een winterslaap. En komt rond deze tijd je oer-instinct naar boven! Zie je die tijd al voor je? Oertijd waarin de man op jacht gaat en je moest eten wat hij die dag gevangen had. Als vrouw zijnde mocht je een beetje “knutselen” en koken op gesprokkeld hout. Kun je je nu bijna niet voorstellen in deze moderne en jachtige tijd. Winterslaap??? Nu vraagt de man wat de pot schaft als hij thuis komt na een dag arbeid. En toch lijkt het mij heel apart om in het voorjaar te ontwaken in een “nieuwe wereld”. De natuur weer tot leven komt en je vol positieve energie en uitgerust de uitdaging met het dagelijkse leven weer aan gaat. Onthaasten noemen ze dat in deze tijd geloof ik. Zou je die oer-instrincten nog terug kunnen ontwikkelen? Vraag me soms wel eens af wat we allemaal al verleerd en vergeten zijn aan vaardigheden. Misschien gebruikten ze in de oertijd wel telepathie! Een mobieltje was er nog niet en de spreektaal bestond uit een paar oer-kreten. Afijn, daar zijn de geleerden voor om dat uit te vogelen. Ik ga mijn vuurtje opstoken en daarna slapen. Een klein denkbeeldig uitstapje naar de oertijd. Eens kijken wie ik kan bereiken in mijn dromen 😉