Dierenspinsels

Een vosje in de sneeuw

De krokusjes steken overal waar het maar kan hun vrolijk gekleurde kopjes boven de grond. Een heel ander gezicht dan al dat wit van nog geen 2 weken geleden. Met een temperatuur van + 15 graden is het een schril contrast met de – 15 graden toen Nederland nog massaal de schaatsijzers onder bond. Een week van sneeuw, strenge vorst, gure wind en dooie vingers die met de huidige zomerse temperaturen al weer lang geleden.

Sinds de sportscholen in december vorig jaar hun deuren moesten sluiten, wandel ik iedere dag samen met mijn vriendin een tot anderhalf uur om toch sportief bezig te zijn. Ik kan mezelf er dit keer nog niet toe zetten om thuis te sporten of rondje bokszak te doen die op zolder hangt. Een goed alternatief vind ik eigenlijk zelf wel, want en ik ben in de frisse buitenlucht en ik word op de hoogte gehouden van diverse wetenswaardigheden en plaatselijke nieuwtjes. Mijn vriendin is namelijk uitermate bedreven in iets uitzoeken. Maakt niet ui wat of waar het over gaat, zij zoekt tot op de bodem uit hoe het zit. Soms wordt dat afgewisseld door politieke discussies, waarbij we ieder onze mening hebben, maar dat respecteren we van elkaar.

Twee weken geleden ploeterden we ’s avonds door de sneeuw, goed ingepakt. Althans ik wel. Om de een of andere reden heb ik het deze winter altijd koud en zij nooit. Zoals altijd luisterde ik aandachtig naar haar verhaal toen ik vanuit mijn ooghoek iets zag bewegen in de sneeuwduin verderop. Onbewust wist ik dat het niet iets gewoons was. Terwijl mijn vriendin enthousiast doorratelt draai ik mijn hoofd om te kunnen zien wat daar beweegt. Tot mijn grote verbazing een vosje die aan het struinen was. Voor het eerst van mijn leven zie ik die nu in levende lijve op een plek waar ik dat nooit verwachtte. Ik stoot mijn vriendin aan en wijs naar het vosje. Voordat ik een foto kan nemen springt het beestje met twee sprongen achter de sneeuwduin en verdwijnt uit ons zicht, waarschijnlijk richting kinderboerderij die daar vlak achter ligt.

Aangezien vriendin een wandelende bibliotheek is van onze stad, informeer ik of er vaker vosjes hier gezien zijn. Ze antwoord ontkennend en gaat weer verder met haar verhaal. Half luisterend gaan mijn gedachten steeds weer terug naar het vosje. Het is niet zo gemakkelijk om een vos te zien te krijgen. Door eeuwenlange bestrijding zijn ze mensenschuw geworden en gaan bijna alleen in het donker op pad.  Laatst was er nog een gezien in hartje Amsterdam ( stad waar mijn roots liggen ) waarschijnlijk op zoek naar voedsel, vertelde mijn zusje de volgende dag.

Foto gemaakt door Jan Koetze

Dagen daarna houdt het dier mij nog steeds bezig. Eigenlijk is het niet okay dat wij dat vosje ’s avonds gezien hebben. Geen idee of dit een solitair levende vos was of nog ergens een “gezin” heeft zitten waarvoor het op strooptocht was. Google weet me te vertellen dat vossen in veel leefgebieden voorkomen, maar ook aan de randen van of in dorpen en steden. Hij leeft daar waar voldoende voedsel en dekking is. Dus dat klopt wel. En het is inderdaad een schemer- en nachtdier en leeft in familiegroepen bij elkaar. Met deze wetenschap ben ik dan wel weer wat gerustgesteld.

Iedere avond lopen we een andere route. Regelmatig komen we langs de plek waar ik het vosje zag. En steeds weer vraag ik me af of het beestje en zijn roedel die winterse week hebben overleefd en waar hij overnacht. Ik zal het nooit weten, maar deze ontmoeting zal ik ook nooit vergeten…

Chief

Chief heet hij.
Staat al een tijdje bij ons op stal, maar ik had hem nog niet ontdekt.
En tot mijn verbazing blijk ik op zijn vader, en op zijn opa en oma gereden te hebben.
Bandit, zijn opa, was een echte donderstraal en deed zijn naam eer aan.
Mooi bont getekend, een echt Indianenpaard.
Eentje van uitersten. Of hij liep voor geen meter. Sporen voelde hij dan niet eens.
Prikte jij mij? dacht hij dan en ging vrolijk verder met eigenwijs zijn.
Of hij naaide er opeens tussenuit tijdens een rustig galopje en stond jevervolgens ongewild aan de andere kant van de bak. Beetje ongeleid projectiel-idee.
Had ie zijn dag, dan kon je er een mooie proef mee lopen.
Bandit is goed terecht gekomen, hij heeft nu een baas die hem aan kan.

Bandit
Bandit

Samen met Haesta kreeg Bandit een zoon: Slide.
Slide is gespikkeld in plaats van gevlekt, maar heeft ook iets Indiaans-achtig.
Merries normaal gesproken heel bezorgd voor hun veulens, maar mogen wij mensen er toch al snel bij. Maar Slide vond dat hij voorrang had op alles.
Vrat zelfs het eten van zijn moeder op en duwde haar in de hoek.
Het zal je veulen maar wezen!
Hij is een tijdje weg geweest. Maar sinds een aantal maanden weer terug op stal.
En zijn moeder is hem blijkbaar niet vergeten wat heel uitzonderlijk is.
Ze neemt nu wraak op hem en Slide moet het niet wagen om in haar buurt te komen.
Mijn laastste les op Slide was nogal enerverend.
Hij verrekte het om te lopen en stond gewoon midden in een galop stil.
En dan moest ik oppassen om niet uit het zadel gelanceerd te worden.
Maar de humor kan ik er dan ook wel weer van inzien.
Dus ik ben maar echt cowboytje gaan rijden en Slide koos toch wel eieren voor zijn geld.
Het arme beest was na de les dan ook helemaal zeiknat en ik loop nu nog met spierpijn rond.

Slide

Slide

Chief is dus een zoon van Slide. Ik ben even kwijt wie zijn moeder is.
Ook hij is een donderstraal eerste klas.
Dat zit blijkbaar in de hengstige genen.
En is bont gevlekt. 4 jaren jong en met een klein trauma.
Hij durft de bak niet in en heeft wat met mannen.
In de stal laat hij regelmatig merken dat hij er is.
Zet gerust zijn voorbenen in de voerbak en kijkt dan triomfantelijk om zich heen.
Chief heeft ook een gave, die ik niet gauw bij paarden zie.
Hij leest namelijk je ogen.

Chief

Chief

“Je ogen zijn de spiegel van je ziel”, schreef da Vinci ooit.
En daarom misschien wel je meest waardevolle bezit.
Door iemand zijn ogen kun je zien hoe hij zich voelt, en welke emoties hem raken.
Op het moment dat die emoties in een persoon wakker worden gemaakt zie je iets veranderen in de ogen. Boos, verdrietig, bang of juist blij, en dat verraadt zich door de ogen.
Vooral bij goeroes en leermeesters die veel aan meditatie doen is te zien dat zij een onvoorwaardelijke en open liefdevolle blik hebben. Hierbij staan de ogen open voor alles wat komt, zonder verwachtingen of een oordeel.

Sorry, dit was even een kleine afdwaling………….
Afijn Chief weet dus wat je gemoedstoestand is.
Hij kijkt je diep doordringend aan. Je wordt nog net niet figuurlijk uitgekleed.
En aan de hand daarvan bepaalt hij zijn houding naar jou.
Een man hoeft dan ook niet zomaar zijn stal binnen te lopen.
Ik als vrouw, werd natuurlijk gekeurd door Chief.
Op afstand even kat uit boom kijken.
Daarna kwam hij naar me toe en moest ik hem kroelen.
En zomaar uit het niets kreeg ik een zoen van hem.
Omringt door een hete adem.
Wel niet zo’n lekker odeurtje, maar toch.
Dit is dan zo’n kleine unieke ervaring, die je niet vergeet…..

Enerverend buitenritje

Het was ondanks alle sombere voorspellingen lekker weer en we stonden net met de paarden buiten, toen de druppels vielen. Wat doen we vroeg hij? Gewoon doorgaan, we kunnen alleen maar nat worden. Even later liepen we met 5 paarden het pad in richting de bossen en het was droog. De weergoden waren ons gunstig gezind.
Meteen kwamen er herinneringen bij me naar boven, mn laatste buitenrit was nl met onze overleden cowgirl. Het voelde goed, ik wist dat ze over ons waakte.

Utah had er zin in. Mee dat we het bospad inlopen begint ze te dribbelen. Madam vond het nu al tijd voor een flinke galop. Even later krijgt ze alsnog haar zin. In een rustig galopje gaan we verder de bossen in, zelfs de zon laat zich af en toe zien.
Dit keer laten we de heivlakte links liggen en rijden door tot we langs een kamp van het leger rijden. We stappen rustig verder en ik vertel de rest een anekdote daarover.

In een grijs verleden heb ik nl bij een manege gereden in de Drunense Duinen. Op gegeven moment hadden ze een ex-jachtpaard aangeschaft. Ik had de eer om daar op te mogen rijden. En al vrij snel begreep ik waarom hij (weet zn naam helaas niet meer) niet geschikt was voor de jacht. Als iemand een trompet nadat trok zijn lijf helemaal strak en stond ie in de starthouding om er vandoor te gaan. Maar dat was nog niet alles. Op een avond kwamen we met zn 2-en terug van een duinenrit toen we  stuitten op een patrouille van het leger vlak voor de manege. Ze gingen beleefd aan 2 kanten van het pad staan zodat we er door konden. Maar die van mij was opeens in alle staten. Hij durfde er niet langs en ik verrekte het om af te stappen of door de bossen te gaan. We hadden een probleem.
Een doorgewinterde en gespierde sergeant of majoor of zo, maakt verder niet, pakt mn paard bij het hoofdstel en leidt ons zo langs de camouflage-mannen. Onder mij voel ik de gespannenheid en vervolgens de bokken die hij hier en daar weg geeft. En zo bereiken we veilig de manege, de manschappen met ontzag voor mij en die hoge pief achterlatend.
Ik voelde met best trots.

Net als ik mijn verhaal gedaan heb, zie ik Utah haar oren spannen en focussen op een groep camouflage-soldaten. Ook zij gaan netjes langs het pad staan. Maar Utah heeft besloten om er niet langs te gaan. Vandaag in ieder geval niet en ze draait gewoon om.
Fijn, ik krijg orders om met benen er in en losse teugels Utah er voorbij te loodsen.
Dat lukt uiteindelijk, en ook zij doet dat met diverse bokkensprongen.
Het zal een raar gezicht geweest zijn, maar goed. We hebben het gehaald.
En ook deze manschappen hebben ontzag voor ons. Voelt wel goed hoor.

Vervolgens rijden we helemaal langs de spoorlijn terug. Net zoals in de westernfilms weet je wel. Ik hoef nog net niet van mn paard af te springen, de rijdende trein op.
De trein is er niet, Utah doet alsof van wel, en zet er een flinke galoppas in.
Net als we de bossen weer indraaien, dendert de trein voorbij, Utah balen.

Afijn, dit had ik ff nodig. Frisse wind door mijn hoofd en wat stress kwijt.
Ontladen heet dat geloof ik. Afijn, ik hoop dat Utah goede geleiders naar de aarde heeft, want die heeft die gespannen houding van mij natuurlijk aangevoeld.
Ze is temperamentvol, dat mag, en ook mijn knuffel………..
Ennuh, geen druppel regen meer gehad tot aan de manege.
Bedankt cowgirl!

Split reins en andere zaken…………

Op de manege wordt de draad van het dagelijkse leven beetje bij beetje weer opgepakt.
Natuurlijk is het anders, en natuurlijk is er een leegte. Haar aanwezigheid, haar (glim)lach en natuurlijk haar smeuïge verhalen. Dat heeft tijd nodig.
Na de les of na het werk komen de herinneringen en verhalen boven drijven die we dan delen. Dat is ook goed, want zo krijgt het verlies een plaatsje, maar in je hart zit ze voor altijd.
We gaan verder in haar voetsporen en zo zou ze het ook hebben gewild.

Vragen beantwoordde ze graag en als ze iets niet wist dan zocht ze het zeker uit zodat je bij de volgende les alsnog een bevredigend antwoord kreeg. Een van die vragen die bij mij is blijven hangen is het feit waarom in Western met zgn. “split reins”  (open teugels) wordt gereden. Zelf had ik daar nooit bij stil gestaan. Het was gewoon zo. Maar voor alles is een verklaring:
Als je bij een paard 1 teugel in zijn nek legt, en de ander op de grond, blijft het paard stil staan.
Wij meteen uitproberen, nou, onze paarden dus niet.
Ik moest daar het fijne van weten en natuurlijk internet afgezocht.

Er blijken maar liefst 3 soorten reins (teugels) te zijn:

SPLIT ENDS
Meestal van leer, bestaan deze uit 2 afzonderlijke teugels, van +/- 2.20 cm lang (ook weer afhankelijk van “feeling”). Cowboys rijden het liefst met ‘open reins’, omdat als je van het paard afvalt je niet kan blijven haken.

ROMAL REINS
Deze worden veelal door traditionalisten gebruikt, o.a. bij het werken met vee. Romal reins bestaan uit een gesloten teugel van +/- 2.20 lang – aan beide zijden aan het bit, met in het middel een losse “bij-teugel”. Het rijden met romal vereist een goed getraind paard, omdat romal reins éénhandig gereden worden en ze dienen om te signaleren en niet om in te werken.

MECATE
Vallen? Mecate nemen. Net als de echte Vaquero’s (een Spaanse schaapsherder te paard met een mooie traditie). Aan het uiteinde daarvan (dat deel dat men oprolt en aan de fork bindt) zit een leertje, dat aan een riemlusje van de jeans wordt geknoopt. Zo kan men altijd het paard bij zich houden als ze men er eens van af stuitert.

Natuurlijk kan ik hier nog een heel verhaal aan vastknopen over de Vaquero’s, maar dan dwaal ik wel heel erg af.

Zij was een echte cowgirl met Indiaanse inslag. En op een mooie manier heen gegaan: tijdens de proef van haar hengst zakte ze in elkaar. Deze hengst liep ook voor haar kist. Tijdens het wachten legde hij nog een hoop weg en hinnikte onrustig. Zou hij het aanvoelen van haar? Of is het omdat hij als hengst merries om zich heen zoekt en ze daarom aan roept? Ik houd het maar op beiden.
Want er is meer tussen hemel en aarde dan de mens begrijpen kan.

Zij lag in coma, was onrustig. Zou ze graag wakker willen worden, maar het niet kunnen?
Soort van gevangen in je lichaam, wat bij mijn moeder letterlijk is?
Onbewust aanvoelen dat haar familie er was en toen rustig geworden?
Wat zou het mooi zijn als je dan even buiten je lichaam kan treden……

Onthaasten op Lamu

Van de week vond ik in een van mijn verhuisdozen een stapel krantenknipsels terug van De Telegraaf / Reiskrant. Interessante reisverhalen/artikelen die niet zo gangbaar waren. Natuurlijk heb ik dat bewaard. Met de gedachte: daar moet ik beslist een keer gaan kijken. Een daarvan gaat over Lamu. Zeer verbaasd dat ik dat bewaard had, maar ik zag al snel waarom. Ezels bewonen deze stad en ik als dierenliefhebster……….

Afijn, Lamu is een Swahili-stadje aan de Indische Oceaan, aan de Keniaanse kust. De Swahili-eilandengroep Lamu aan de noordkust van Kenia is zo uniek dat het op de Unesco Werelderfgoedlijst staat. Je komt hier drie keer Lamu tegen: de archipel, het eiland en de stad. Een smalle zeearm scheidt de archipel van het vasteland. De eilanden Lamu, Manda, Manda Toto, Kisingati, Pate, Kiwayu en Ndau vormen de eilandengroep. De omringende Indische Oceaan herbergt rond de kust een grote hoeveelheid koraalriffen.
Een oord om lekker te onthaasten. Er zijn bijna geen auto’s te vinden (de steegjes zijn gewoon te smal voor auto’s), wel sjokken er hier 3000 kerngezonde ezels door de steegjes.  Op Lamu Island, het grootste van de verzameling koraaleilanden, zijn geen wegen. Alleen voetpaden en steegjes. Daar drink je kokosmelk in plaats van koffie uit de automaat. Je staat niet in de file, maar zeilt rond in een dhow-boot.

Er zijn slechts vier gemotoriseerde voertuigen op het eiland; de auto van de burgemeester (een krakkemikkige landrover) , de auto van de brandweer, een ambulance in de vorm van een driewieler en een wagen voor zieke dieren. Omdat de bewoners van Lamu erg afhankelijk zijn van de ezels is er zelfs een ezelhospitaal. De dieren worden snel ziek of kreupel omdat ze nogal overbelast worden met zwaar bouwmateriaal en levensmiddelen.

De kleur van de Dhow-ezel loopt van bijna wit, via licht-, tot donkergrijs. Maar er zijn ook donkerbruine en zwarte exemplaren en een enkele bonte. Op de achterpoten hebben ze in meerdere of mindere mate een zebra-strepen aftekening. De snuit is steeds wit, en het rugkruis ontbreekt nooit.
Na het werk met koraalblokken, cement of zakken zand worden de dieren niet op stal gezet, maar gewoon los gelaten, wat ernstige consequenties heeft voor tuineigenaren, de plantsoenendienst en de boeren in het achterland die kokos of mangobomen willen planten. Ook blijkt dat de dieren vaak lijden aan wormziekten, langzaam helende wonden, tetanus en ander ongerief. De gemiddelde leeftijd van de werkezels op Lamu is dan ook niet hoog, zo’n tien jaar, tegenover 35 bij ons.
Een Engelse vrouw richtte jaren geleden de ‘vereniging voor de bescherming van ezels’ op, en die geeft alle drieduizend dieren ieder jaar twee keer een gratis ‘ontwormingskuur’. Verweesde ezels worden bovendien drie jaar lang opgenomen in het tehuis.

Transport over water is voor Lamu nog belangrijker dan sjokken op ezel. Er is waarschijnlijk geen enkele plaats langs de Afrikaanse kust waar je nog zoveel dhows, traditionele zeilboten, ziet als in Lamu. Het ontwerp van deze schepen is afkomstig van de Arabieren, waar de bewoners van deze kusten vanaf stammen.
De booteigenaren hebben ontdekt dat het makkelijker is aan het toerisme geld te verdienen dan aan visserij of vrachtvaart. Het gevolg is dat je iedere dag minstens twintig keer wordt gevraagd of je een dhowtrip wil maken.

 

 

 
Een halve dag later zit je op een traditionele dhow, en wordt het zeil gehesen om je buitengaats te brengen. Er wordt echt gezeild. Wanneer je vraagt om een tocht waarbij je ook wilt vissen, zit je een uur later kilometers buitengaats. Hier voel je hoe de lange deining van de Indische Oceaan de houten zeilboot optilt en weer weg laat glijden in een golfdal. Als de bemanning weer besluit terug te keren draait de oude dhow om, en zet je weer koers naar het stadje. En dan realiseer je je ineens dat de eerste bewoners van Lamu op exact dezelfde manier naar het land koersten als jij nu doet zeilend in een dhow in de richting van een groene mangrovekust.

P.S.:

In Limuru, een dorp in Kenia, is beroering ontstaan omdat ezels voortaan een luier om moeten. De gemeente heeft deze maatregel genomen omdat ze de stank van de ezelpoep zat is. De luiers hadden deze week al om de ezelbipsen moeten zitten, maar na fel protest van de bewoners is dat even uitgesteld.
De inwoners zijn woest op de gemeente, omdat zij afhankelijk zijn van hun ezels. Ze hebben namelijk geen auto’s in hun bezit. “Het begint nu met ezels, moeten straks mijn koeien ook een luier om?”, foetert één van hen. Ze pleiten dan ook dat de gemeente maar wat poepscheppers aan het werk zet in de straten. “Daar betalen we belasting voor.”
Daarnaast is het plan ook praktisch onuitvoerbaar. Een bewoner legt uit dat een ezel bij het ombinden van de luier flink om zich heen trapt. “Daar heb ik al eens een keer een been mee gebroken”.
De burgemeester van Limuru is echter vastberaden het luierplan door te voeren, temeer daar het in andere dorpen al wel gebeurt. “We zullen de bewoners meenemen en laten zien hoe je een ezel een luier omdoet.”

Stoer wijfje!

Hemelvaartsdag. 14 graden, maar met een lekker zonnetje. Eigenlijk motorweer en het kriebelde. Uiteindelijk besloten om de tuin onderhanden te nemen. Toch wel een wijs besluit vond ik van mezelf. De overvloedige regenval van de laatste weken had er voor gezorgd dat er inmiddels van alles uit de grond was geschoten. Ook vreemdgangers. Bedenkelijk kijk ik naar de klimop en de andere klimplant die naar alle kanten waren uitgeschoten. Dat ga ik dus niet met het handje redden.
Snel een electrische heggeschaar geleend. Gereedschap voor het trainen van mijn armspieren voeld ik al heel snel.
Eerst de ene klimplant gesnoeid langs de schutting. Netjes langs de hangpot gezaagd. En ik had nog niks in de gaten.
Daarna de klimop achterin gedaan en daar bleek een vogelnestje in te zitten.
Geen vogels in de buurt te zien. In het nestje gekeken. Er lag 1 leeg eitje in. Gelukkig. Ik had nog geen baby-moord op mn geweten.
Even overweeg ik nog om de hangpot leeg te halen, want daar hing een zielig vetplantje in.
Buurman komt samen met Gerrit op de koffie. En nee, Gerrit drinkt geen koffie maar is net een hond die zijn baas overal volgt.
We zitten gezellig kletsen als we een merel met zijn bek vol regenwormen de hangpot in zien vliegen. En met lege bek vliegt ie even later weer weg om een nieuwe lading te halen. Krijg nou wat! Ik ga eens goed kijken en warempel. Ik word door 2 zwarte kraaloogjes aangestaard vanachter de vetplant. Ze is totaal niet bang en houdt me goed in de gaten.
De merel moet toch wel heel moedig zijn geweest toen ik met de heggeschaar langs haar kroost kwam. Ter plekke krijg ik veel respect voor haar. En ze blijft vervolgens zitten als ik de tuin verder ontdoe van onkruid en zo, en tig keer langs haar nest loop.
De jongen kan ik niet zien, wel horen. Een foto van ze maken is me nog niet gelukt. Ik kan er net niet dicht bij genoeg komen. Maar wel van dat stoer wijfje!

Gerrit

Sinds kort heb ik er een vriendje bij. Gerrit heet ie. Hij komt me zo af en toe opzoeken en onderzoekt dan heel mijn huis. Hij blijft steeds langer. Voelt zich blijkbaar op zijn gemak. Heeft al een keer op mijn bank liggen spinnen. Toen hij weg ging lag er een laagje bruine haren als bedankje. Gerrit is een mannelijke Siamees. Ik weet eigenlijk niet of hij zijn ballen nog heeft.

Hij doet me denken aan mijn Siamese kat die ik maar even had. Muffy heette hij en werd geboren uit een zwartwitte moederpoes en een witte zwerfsiamees. Compleet met blauwe ogen. Helaas had hij de zweflust van zijn vader georven. Als kitten was hij al eens een paar dagen weg. En zat opeens berooid voor de deur. Paar maanden later bleef hij een paar weken weg en kwam opeens midden in de nacht thuis. Was een stuk schuwer geworden. Uiteindelijk vertrok hij om nooit meer terug te komen.
Ik vond het jammer, was een apart beest. Maar hij vertegenwoordigde wel dat gene wat ik zelf in me heb.

Afijn, Gerrit is gelukkig graag in huis en ook bij zijn baasje. Dat zijn 2 handen op 1 buik.
Vandaag had hij het zo naar zijn zin dat hij alle poses op mijn bank liet zien en vervolgens nog de dolle 5 minuten kreeg..

Oh ja, het vlees dat ik voor zette was te min voor hem, hij heeft alleen de jus op.
Hoezo verwend?

Een helende lik van je hond!

Laatst was ik bij Old School en hij had een wond in zijn vinger. Gestoeid met een hond. Moet je geen tetanusspuit halen, vroeg ik? Nee , zei hij, terwijl hij de wond aflikte. Hij liet nog liever de hond er aan likken. Ik kijk hem heel ongelovig aan. Zegt ie: echt waar. En meteen er achteraan: je gaat het toch wel uitzoeken.
En inderdaad bij deze dus het bewijs dat hij gelijk heeft:

Veel mensen gebruiken hun vaatdoekje gemiddeld twee weken lang. Op een vaatdoekje zitten binnen één dag gemiddeld al honderd miljoen bacteriën. Soms zijn er ook ziekteverwekkers te vinden, die zijn slecht voor je gezondheid.
De tong van een hond bevat aan het einde van de dag heel wat minder bacteriën. Binnen een dag heeft hij ‘maar’ 5000 bacteriën op zijn tong. Dit komt doordat een hond bacteriedodende middel in zijn bek heeft: histatin.

De meeste bacteriën in de mond van de hond gaan dood, terwijl ze op een vaatdoekje blijven leven en zich vermenigvuldigen. Daardoor bevat een hondentong minder bacteriën dan een vaatdoek en wordt er gezegd dat de tong schoner is.

In een hond zijn mond zitten sowieso een stuk minder bacteriën dan iedereen denkt. In die van een mens zitten veel meer bacteriën, dus ik zou er ook maar eens goed over nadenken als je met iemand een lekkere tongzoen deelt…haha

Grootmoeders middeltje helpt: speeksel zit vol met genezende eigenschappen. Dat blijkt uit een Engels onderzoek. In het menselijk speeksel zit Histatin, een soort proteïne met helende kenmerken. Bij het onderzoek werden twee wonden behandeld, één met de stof uit het speeksel en een zonder de stof. Na zestien uur bleek dat de wond met Histatin, veel sneller heelde dan vergelijkbare wonden op de huid zonder die stof.

De onderzoekers zijn opgetogen met het resultaat en vinden het hoopgevend voor chronische wonden door diabetes, traumatische wonden of brandwonden. De resultaten geven meteen weer waarom dieren zo vaak hun wonden likken of wondjes in de mond sneller genezen.

Een hondetong is schoner dan een mensentong. Een wond schoonlikken kun je prima door een hond laten doen. En een hond zal heus niet bijten mits hij niet gedwongen wordt, maar onder dwang zal hij ook niet likken.

Dus Old School, ik zal niet meer aan je wijsheden twijfelen.
Maar het blijft wel leuk om het uit te zoeken!

Grenswandeling

Natuurlijk was het zondag lekker motorweer. Maar Snake mocht een dag op stal blijven na gedane arbeid en ik ging met mijn vriendin en geleende hond Dessel op pad in Belsenland.
Een zgn “grenswandeling” uitgezet in de grensstreek, hoe kan het ook anders.
Mooi weer, proviand op zak en hondenbrokjes. Ons kon niks gebeuren vandaag. Oh ja en opgeladen mobieltjes natuurlijk. Altijd handig. Vooral als je hem thuis laat liggen.
Om 10 uur gingen we inschrijven in Meerle. Voor slechts 1 eurie p.p.. In een grote schuur vol met tafels en stoelen en een kleinschalige catering. Goed geregeld.
Deed mij een beetje denken aan de Duitse wijnfeesten………
Er waren 4 verschillende afstanden. Wij gingen voor de 18 km aangezien ik later op de dag nog wat verplichtingen had.
De route bleek goed bewijzerd te zijn. Scheelt een hoop gezoek en getuur.
Dessel gedroeg zich als een echte vent: veel snuffelen, veel markeren, plasjes doseren om nog wat te bewaren etc…….En heeft David Bowie-ogen, heel apart.

De weg gaat langs en door weilanden, met mooie fotoshots. Die ik dus ook met verve maak. Naast Dessel zien we nog andere diersoorten die genieten van het zonnetje.
Een meerkoet

Veel schapen

Eenden

en zelfs katjes, oh nee, da’s dus een boom 🙂
Dit is een katje met hommel, toch weer een dier.

Na zo’n 8 km komen we bij een controlepost c.q. pleisterplaats. Ook weer zo’n schuur met rijen tafels en stoelen en catering. Water voor de hond. En je mag zelf je stempel zetten. Geweldig. Het is tegen 12, een soepie gaat er nu wel in.
Daarna gaan we richting Eersel. Over oude sluizen, krakende bruggetjes en langs mooie huizen. Hier staat wel voor een kapitaaltje.
Zelfs een heuze drankautomaat bij iemand in zijn achtertuin. Ik verbaas me toch steeds weer als ik in Belsenland vertoef. Ze zijn daar heel creatief.

Zoals een bordje met Verboden Toegang wat hoog aan de boom hangt.

Afijn, na zo’n 13 km komen we weer bij een controlepost c.q. pleisterplaats en jawel, dezelfde schuur. Dat hadden ze handig bekeken! Het is half 2, even sanitairestop. Normaal doen we dat wel even in de bosjes, maar met zoveel mensen in de buurt, zit je dan toch niet zo lekker op je gemak de aarde te bevochtigen.
De laatste kms zijn ook erg mooi, maar mijn kuiten begin ik wel te voelen.
Dan merk je wel dat goede schoenen heel veel opvangen.
Nog wat mooie shots:

Een stuk van de route gaat nog over een landgoed/natuurreservaat wat alleen vandaag voor publiek opengesteld is.

Om 3 uur zijn we weer terug. Beetje moe, maar voldaan. Dessel heeft voor de hele week ochtendgymnastiek gehad. En wij eigenlijk ook.
En nu lekker relaxen in het zonnetje…………

Uitleven

Vanmiddag was ik weer gezellig op pad met mijn vriendin Kyra. Ze was bijna niet te houden van enthousiasme toen we bij “de Put” kwamen. Haar losgelaten en als een raket sprintte ze er vandoor. Niet ver, want waar bleef ik nou?
Afijn, we lopen een stukje over de dijk, (ik loop, zij rent) en opeens duikt ze naar benee het water in. Vervolgens hoor ik een hoop gegrom en geblaf en zie Kyra gefocussed het water in kijken. Ik zie niks, maar er is iets wat haar intrigeert.

Dus ik denk die ziet een vis of ziet ze vliegen, maar na een hoop gespartel en wilde sprongen zie ik wat boven komen drijven.

Ze blijkt het voorzien te hebben op een hele dikke tak, die ze bijna niet kan handelen. Maar ze is een volhoudster en uiteindelijk krijgt ze hem aan de kant. Vervolgens kijkt ze me heel trots aan en duikt weer bovenop de tak, maar nu om te kunnen bijten/kauwen.

Zeer verbolgen is ze als ik uiteindelijk verder loop en zij de tak niet mee krijgt. Uiteindelijk kiest ze eieren voor dr geld en komt ze me toch achterna, zonder tak dus.
Na gedane arbeid eerst maar even lekker door een koeienvlaai rollen. Dat is toch fijn!

Wat een luft zeg! Een stinkdier is er niks bij. Maar blijkbaar vindt Kyra dat zelf ook, want verderop duikt ze het water in om een paar baantjes trekken. De meerkoeten die rustig op het water liggen te dobberen, vliegen verschrikt op. Wat een rare “zwemvogel” zullen ze gedacht hebben.

Daarna is het soms een probleem om aan de kant te komen. Gelukkig is ze geen dom blondje en zoekt ze een goede “aanlegsteiger”, met haar atletisch lichaam en krachtige spieren staat ze vervolgens zo aan de kant en schudt zich lekker uit zodat ik gedouched word, springt vervolgens met haar modderpoten tegen mijn net gewassen spijkerbroek aan en kijkt mij blij aan. Ach ik kan niet eens boos op dr worden, weet zij veel.

Het zonnetje komt er al lekker door, helemaal toppie zo. Kyra stikt van de energie is nog niet eens een beetje moe. Naar gelang dat ik al bijna 3 maanden niet meer sport, valt mijn conditie me ook nog mee. We lopen verder de polder in richting Oosterhout.
Kyra weet onderweg toch nog een tak te scoren.

Nog even een foto op stand / niveau:

Na zo’n dik 2 uur en de nodige kms zijn we weer thuis.
En tot slot een echte meidenfoto:

Even later valt ze al snurkend in een diepe slaap op mijn schoot.
Dit zijn zo van die kleine/simpele dingen in het leven en het genieten meer dan waard!